Ter inspiratie

Benoît STANDAERT, Over vergeving en verzoening

In de laatste jaren van zijn leven concentreerde de Franse filosoof Jean Nabert zijn zoeken op de vraag naar God. ‘God’ zelf en wat religies en theologen van Hem gemaakt hadden, wees hij radicaal en kritisch af. Maar hij bekende dat er ‘goddelijke’ dingen gebeuren, fenomenen uit de ervaring waarop het bijvoeglijk naamwoord ‘goddelijk’ het best van toepassing is. Van daaruit stelde hij opnieuw de vraag: is het goddelijke dat we in de ervaring tegenkomen verstaanbaar zonder een goddelijk Subject?

Die vraag beantwoordde hij voorzichtig met de hypothese: er zal wel een dergelijk goddelijk Subject zijn, er móét er zelfs een zijn, maar om niet terecht te komen in de valkuilen van totalitaire waanbeelden is het aangewezen er slechts vanuit de ervaring en de getuigen van het goddelijke iets over te zeggen. Hij stierf voor hij zijn zoektocht kon beëindigen: zijn talrijke nota’s werden postuum uitgegeven onder de titel: Le désir de Dieu. Binnen dit zoeken naar fenomenen van het goddelijke stelde hij herhaaldelijk dat ‘vergeving’ precies zo een ‘goddelijk moment’ in de ervaring is. Waar op authentieke wijze wordt vergeven, zijn we getuige van iets goddelijks. Laat deze uitspraak van een zeer kritische geest ons wakker maken voor de diepte van dit werkwoord, dat we als christenen veel – en wellicht soms iets te gemakkelijk – gebruiken. Als vergeving gebeurt, vindt er iets goddelijks plaats binnen de ervaring van mensen.

(Benoît STANDAERT, Over vergeving en verzoening)