Johannes CASSIANUS

foto Cassianus

 

 

 

 

 

 

 

26 december 2017


Waarachtig geduld en kalmte kun je niet veroveren, en ook niet vasthouden,
als je niet nederig van hart bent.
Ze berusten op innerlijke eenvoud.
Een cel of de woestijn is heus niet nodig als hulpmiddel of toevluchtsoord.
Als je vanbinnen maar deemoed kent.
Als we geprikkeld reageren zodra  iemand ons ergert,
is er duidelijk geen vaste ondergrond van deemoed in ons.
Het minste zuchtje wind dreigt ons ‘huis’ van geduld al omver te blazen.
Is dat wel echt geduld,
als we onze innerlijke rust alleen maar bewaren kunnen als die niet bedreigd is?


Geduld dwingt alleen maar bewondering af als het ook dan standhoudt
wanneer het bestormd of beproefd wordt.
Waarachtig geduld laat zich niet door tegenspraak van slag brengen en breken,
integendeel, het wordt er sterker door.
Iedereen weet dat ‘geduld’ komt van het woord ‘dulden’ en ‘verdragen’.
Geduldig noemen we iemand die goedmoedig verdraagt wat hem aangedaan wordt.
Salomo prijst zo iemand met recht: “Een geduldig mens is meer dan een groot strijder
en wie zichzelf bedwingt is meer dan wie een stad verovert’ (Spr 16,32).

Zachtmoedigheid verdrijft niet alleen de haarden van
toorn, droefheid, lusteloosheid, ijdelheid en hoogmoed, maar ook die van wellust
en eigenlijk die van alle ondeugden tegelijk.
Hij die altijd zachtmoedig en kalm is,
ontbrandt niet in de opwinding van de toorn,
wordt door geen angst van de lusteloosheid en droefheid verteerd,
door geen nietigheden van de ijdelheid vervuld,
door geen opgeblazenheid van de hoogmoed meegenomen.

Geef de woede ruimte door naar de oorzaken te zoeken in het eigen hart.
Dat wordt mogelijk als hart en geest ‘wijd’ worden en …
als de branding van de woede in de wijde stroom van de liefde opgenomen wordt,
‘die alles verdraagt en in alles volhardt’ (1 Kor 13,7).
Zo moet ook jullie geest,
verruimd door een aanzienlijke dosis lankmoedigheid en geduld,
in zich heilzame toevluchtsoorden voor overleg inrichten.
Daar vervliegt de gemene walm van de woede snel,
nadat hij eenmaal toegelaten is en zich verspreid heeft.