Tekst en onderricht 7 april 2026


Onderricht op 7 april 2026
Inspiratie voor het onderricht wordt in dit werkjaar o.a. geput uit Michael CASEY, ocso, Naar God. Inleiding tot de praktijk van het gebed, Lannoo-Tielt, Abdij Bethlehem, 2007.

In zijn beschouwingen over het contemplatieve leven en gebed
wijst Casey ons verder op verbindingslijnen tussen lectio divina en meditatie. Lectio divina biedt ons gedachten aan,
gedachten die niet zijn zoals de verstrooiende gedachten tijdens meditatie.
Want ze worden niet aangeleverd door een angstig, bezorgd, plannend of dromend ik, ontstaan niet in onze onrustige geest.
Het zijn waardevolle gedachten die ons innerlijk voeden.
William de Saint-Thierry omschrijft ze als stukjes om heel de dag op te knabbelen,
te herkauwen, in de taal van het contemplatieve gebed ‘ruminatio’ genoemd. Ze kunnen soms heel aangepast zijn aan een situatie waarin we verkeren, aan droefheid of angst, aan vreugde of dankbaarheid, aan lijden of bevrijding. Die gedachten bevatten waarheden, niet om over te praten en te discutteren.
Het zijn existentiële waarheden die ons gelovig leven op weg kunnen zetten of het kunnen vernieuwen.


Ze slaan werkelijk een brug tussen onze lectio en ons leven.
Casey ontkent niet dat dergelijke gedachten
ons ook kunnen bezoeken tijdens onze meditatie.
Maar dan laten we ze los om ze in de stilte na de meditatie weer op te nemen. Het kan goed zijn om dergelijke gedachten in een soort dagboek te noteren.
Het noteren alleen al is een contemplatieve act
en het later lezen ervan kan ons opnieuw het inspirerend moment laten herleven. Dan kunnen we de gedachte – dus hetgeen we gelezen hebben –
ook overwegen, een innerlijke dialoog erover voeren, een dialoog die kan uitmonden in een gebed.
Iets dergelijks geschiedt ook in de contemplatieve dialoog met anderen.
Maar Casey benadrukt dat het ook goed is om dergelijke gedachten in ons geheugen op te slaan, in geest en hart.
Ze herhalend kunnen ze ons helpen om op momenten God nabij te weten, ons hart en onze geest tot God te verheffen.
Vanzelfsprekend zijn de Bijbel en de liturgie een goudmijn van dergelijke gedachten en gebeden.
En er zijn er daar te vinden voor elke denkbare situatie van het leven.
Het gebruik en herkauwen van dergelijke teksten en gebeden is helemaal niet onpersoonlijk en kunstmatig.
Ze kunnen niet alleen perfect onze emoties uitdrukken

maar bevrijden ons ook van de inspanning
om creatief te moeten zijn en koortsachtig te zoeken
naar nieuwigheden en originaliteit in het formuleren van ons gebed.
Het Onze Vader, psalmen en teksten uit de liturgie doen het in dit opzicht prima,
helpen om zonder druk emoties te ventileren en niet te verstoppen.
Ze helpen ons om bijna moeiteloos gevoelens te benoemen en in moeilijke momenten toch verbinding te zoeken met God, een contemplatieve biddende houding aan te nemen,
ook al borrelen andere eigen woorden niet op uit ons innerlijk.
We hoeven ons ook niet in te houden
om in welke omstandigheid dan ook terug te vallen op onze mantra, om als het ware existentieel te mediteren.
Dit is wat Franz Jalics deed toen hij na zijn arrestatie in Argentinië wekenlang in afzondering en geblinddoekt gevangen zat.