Homilie Derde Paaszondag A 2026

Derde Paaszondag A Hand 2,14.22-28; 1Petr 1,17-21; Lc 24,13-35
Automobilisten onder u weten hoe belangrijk het is bij een kruispunt de juiste afslag te nemen. Als je op de ringweg rond Parijs een verkeerde keuze maakt, loop je het risico vele kilometers te moeten omrijden. Ieder kruispunt betekent het maken van een keuze. Is ons leven geen aaneenschakeling van kruispunten en dus van het maken van keuzes? In de middeleeuwen plaatste men op een kruispunt vaak een kruis. De reiziger kon bij dit kruis bidden en hulp vragen de juiste keuze te maken. Met de ontvangen onderscheiding kon hij dan zijn weg vervolgen. Vandaag zien we bij kruispunten vooral veel bewegwijzering. Zijn we het verleerd God te betrekken bij onze keuzes? Kruisen langs de weg staan nu vaak waar er slachtoffers gevallen zijn. Die herinneren ons alleszins aan de risisco’s van de weg.
De associatie tussen kruis en kruispunt is ook te vinden in het verhaal van de Emmaüsgangers. Het cruciale moment – cruciaal in de etymologische betekenis van het woord – speelt zich af wanneer het drietal aankomt in het dorp Emmaüs, 11 km van Jeruzalem. De vreemdeling doet alsof hij verder moet. De twee leerlingen proberen Hem bij zich te houden en stellen voor dat Hij de nacht met hen doorbrengt. Dat was een keuze, ze hadden er ook voor kunnen kiezen afscheid van hem te nemen. Was die vreemdeling trouwens niet wat wereldvreemd dat hij niet wist wat er actueel allemaal in Jeruzalem gebeurd was? De twee leerlingen hadden Hem onderweg bijgepraat over Jezus, een man krachtig in woord en daad, met wie ze samen hadden geleefd; wat ze allemaal van Hem gezien hadden: tekenen en wonderen die hij verricht had en de vrede die Hij overal rondom zich verspreid had. Maar heel dat mooie verhaal was geëindigd bij het kruis. Daar was hun leven ineengestort. Dit kruis had al hun dromen en heel hun toekomst vernietigd.
De twee leerlingen van Emmaüs, Kleophas en de andere wiens naam niet genoemd wordt – het zou jij of ik kunnen zijn – smeken de vreemdeling bij hen te blijven: “Blijf bij ons, Heer!” Waarom maken ze deze keuze op dit cruciale moment? Pas later realiseren ze zich dat hun hart brandde toen de vreemdeling onderweg met hen sprak en hen de Schriften ontsloot. De twee leerlingen hadden een basiskennis Bijbel. Is dat geen voorwaarde om Jezus echt te ontmoeten? Maar de Bijbel alleen is niet genoeg. Ook het hart moet geraakt worden door het Woord, zodat het opengaat. Dit was hen overkomen op het moment dat deze vreemdeling hen de verborgen mysteries van de Schrift had geopenbaard. Hij had de diepten van hun hart aangeraakt, door uit de Schrift te verklaren hoe het Kruis een weg was naar leven en verrijzenis. Dit dieper inzicht in de Schrift, in de Wet van Mozes en in de Profeten, had de impasse van het Kruis voor hen doorbroken. Het Kruis was geen eindpunt maar een passage, een weg naar leven en vrijheid. Omdat de leerlingen dit hadden begrepen, hadden zij de vreemdeling aangespoord bij hen te blijven.
Eenmaal de keuze gemaakt om de Vreemdeling bij zich uit te nodigen, gebeurde het wonder. De leerlingen hadden de verrezen Jezus niet herkend terwijl Hij met hen liep. Maar toen Hij het brood nam, het zegende en brak en het aan hen uitdeelde, vielen hen de schellen van de ogen. Vier fundamentele eucharistische handelingen: brood nemen, het zegenen, het breken en het verdelen. Een brood was in de oudheid altijd rond. Het breken van een brood was het doorbreken van een cirkel. In dit geval werd de vicieuze cirkel van het menselijk denken doorbroken, dat het kruis enkel ziet als een teken van dood en falen. Wanneer Jezus het vooraf gezegende brood breekt en het uitdeelt aan de twee leerlingen, is er Eucharistie. Dit brood is zijn lichaam, gezegend door de Vader, vervuld van Heilige Geest, gebroken aan het Kruis, en tot in het oneindige gegeven en uitgedeeld te worden aan de christenen die samenkomen om Pasen te vieren. Het denken van de twee leerlingen is nu niet langer een herkauwen van het verleden en van hun mislukkingen: het is geloof geworden dat Jezus, gestorven aan het Kruis en verrezen op de derde dag, altijd in dit Brood bij hen aanwezig blijft. Voortaan staan alle kruispunten in alle richtingen voor hen open om de wegen op te gaan waar de Geest hen naartoe wil sturen. Ook wij die vandaag brood nemen, het zegenen, breken en uitdelen, ook wij hebben deel aan deze aanwezige gekruisigde en verrezen Heer, die ons voorgaat en ons Zijn Geest geeft, opdat ook wij getuigen worden van zijn opstanding voor de redding van de wereld.
En midden in de nacht terugkeren naar Jeruzalem, 11 km terug, is dan maar een kleine inspanning voor degenen die vervuld zijn met de vreugde van Pasen, omdat ze op het kruispunt van hun leven de verrezen Christus hebben ontmoet.
Br. Guerric ocso